Bouwkunde

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
(Doorverwezen vanaf Bouwkunde (opleiding))
Ga naar: navigatie, zoeken
Portal.svg Portaal Civiele techniek en bouwkunde

Bouwkunde omvat de wetenschappelijke kennis en techniek met betrekking tot het bouwen van alles wat voor bewoning of huisvesting van mensen en hun bedrijvigheden bedoeld is.

Het kan ook de naam zijn van een opleiding.

Direct gerelateerd hieraan (en bij sommige opleidingen binnen één collegeprogramma) is de stedenbouwkunde.

Onderwerpen in de stedenbouwkunde[bewerken]

In de stedenbouwkunde komen de volgende onderwerpen aan de orde:

  1. Hoe komen steden tot stand en hoe kunnen ze het best ontworpen worden?
  2. Hoe kan de gebouwenvoorraad (woningen – inclusief hoogbouw – en kantoren/bedrijfspanden) efficiënt worden beheerd?
  3. Hoe kan de infrastructuur en bereikbaarheid van voorzieningen optimaal worden georganiseerd en ontworpen?
  4. Wat zijn de nieuwe inzichten over duurzaam bouwen en hergebruik van materialen in relatie tot milieubeheer?
  5. Hoe kan de ontwikkeling van vastgoed het best worden georganiseerd?

Richtingen[bewerken]

Er bestaan binnen de bouwkunde een aantal richtingen waarin men werkzaam kan zijn:

Beroepen en opleidingen[bewerken]

Het brede scala aan bovengenoemde studierichtingen leidt op voor zeer uiteenlopende bouwkunde-gerelateerde beroepen: van uitvoerend timmerman tot architect of directeur, van opperman tot constructeur. Binnen de bouwkunde-gerelateerde opleidingen bestaan bovendien verschillende niveaus:

Speciaal onderwijs[bewerken]

In het speciaal (Nederland) of buitengewoon (Vlaanderen) onderwijs worden de zuiver manuele beroepen aangeleerd: handlanger, vloerder, dakwerker e.a.

Vmbo of BSO[bewerken]

vmbo of BSO — specialisatie als vakman in verschillende richtingen, zoals elektrotechniek, mechanische techniek of bouwtechniek.

Mbo of TSO[bewerken]

mbo of TSO — meer theoretische kennis en daardoor meer beroepskeuze: CAD-tekenaar, aannemer, uitvoerder.

Hoger onderwijs[bewerken]

Hoger onderwijs (vervolg op ASO/TSO, mbo of havo/vwo) — het resultaat van deze studie is de titel B BE (bachelor of built environment), voorheen ing. of bouwkundige. Hiermee kan men een leidinggevende functie binnen een aannemersbureau, architectenbureau of een overheidsinstelling vervullen.

Masteropleiding[bewerken]

Universiteit — het afronden van een masterstudie bouwkunde aan de universiteit geeft recht op het voeren van de titel ingenieur (ir.). Wie de afstudeerspecialisatie 'architectonisch ontwerpen' kiest, mag tevens de architectentitel voeren architect (ir.-arch.). Een ir. is vaak werkzaam als leidinggevende of ontwerper bij complexe of grotere bouwprojecten. Ook kan een ir. werkzaam zijn in het wetenschappelijk onderzoek.

Bovengenoemde opleidingen zijn continu in ontwikkeling, afhankelijk van wat er door de markt (de werkgever) gevraagd wordt. Zo zijn er bijvoorbeeld bouwkundeopleidingen die meer gericht zijn op gebruik en 'gezondheid' van gebouwen (zie Sickbuildingsyndroom) dan op techniek; daarnaast bestaan er combinatieopleidingen bouwkunde-civiele techniek.

Na de technische scholing aan één van bovenstaande opleidingen kan men zich verder specialiseren. Een bijzonder traject in Nederland is MTS of havo/vwo-HTS-Academie van Bouwkunst die toegang geeft tot het vak van architect. Het academieonderwijs kent uiteraard een andere invalshoek dan het wetenschappelijk onderwijs (TU Eindhoven of TU Delft).

Zie ook[bewerken]