Muziekhistorisch Museum Scheurleer

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Muziekhistorisch Museum Scheurleer
Plaats uw zelfgemaakte foto hier
Locatie Carnegielaan 12, Den Haag
Coördinaten 52° 5′ NB, 4° 18′ OL
Oppervlakte 130 m² (de vier eerste zalen, 1905-1916)
Thema muziekgeschiedenis
Overig
Openingsdatum 1905
Sluiting 1935
Muziekhistorisch Museum Scheurleer
Muziekhistorisch Museum Scheurleer
Portaal  Portaalicoon   Kunst & Cultuur

Het Muziekhistorisch Museum Scheurleer was een muziekinstrumentenmuseum in Den Haag. Het bestond van 1905 tot 1935 en was eigendom van de bankier en muziekhistoricus Daniël François Scheurleer. Hij stelde zijn verzameling open voor bezoek, zoals voor onderzoekers die hij op afspraak door zijn museum rondleidde. Na zijn dood was het museum enkele jaren geopend voor publiek.

In 1913 gaf hij een boekje uit met de titel Eene Wooninge in de welcke ghesien worden veelderhande Gheschriften Boecken Printen ende musicaale Instrumenten. Verder bracht hij in 1923 nog een driedelige bibliotheekcatalogus uit waarin hij zijn verzameling presenteerde. Zijn verzameling bouwde hij op in samenwerking en overleg met andere muziekhistorici, waardoor deze meer was dan een particulier rariteitenkabinet. Ook leende hij instrumenten en bronmateriaal uit aan muziekorganisaties en onderzoekers.

Het museum was gevestigd in een laag bijgebouw van de woning die Scheurleer in 1905 liet bouwen aan de Carnegielaan 12 (of 10-14), op de hoek met de Laan van Meerdervoort. In het gebouw bracht hij een deel van zijn bibliotheek en zijn verzameling muziekinstrumenten onder, verdeeld over vier zalen met een oppervlakte van 130 m². In 1916 verkreeg hij het aanpalende terrein waarover de stoomtram had gereden die toen werd afgeschaft. Parallel aan de vier bestaande zalen liet hij een vijfde zaal bouwen voor zijn groter wordende collectie muziekinstrumenten. Het daglicht kwam in de vijf zalen naar binnen via koepels in het dak.

Zijn collectie bestond uit instrumenten uit binnen- en buitenland. Voor de exotische, ofwel niet-westerse instrumenten kwam meer ruimte na de uitbreiding in 1917. Hiermee richtte hij bijvoorbeeld een afzonderlijke Indonesische en Japanse zaal in. De zaalnummers in zijn boekje uit 1913 liepen evenwel op tot nummers tot en met 9. Twee zaalnummers waren ingericht voor zijn bibliotheek.

Na de dood van Scheurleer in 1927, stelde zijn zoon Constant (1881-1941) zijn vaders museumassistent Dirk Balfoort aan als conservator. Ook kreeg hij de opdracht om het museum open te stellen voor publiek, wat vanaf 1928 gebeurde. Na het faillissement van Scheurleer & Zoonen in 1932 slaagde het Comité tot Behoud der Musea Scheurleer erin de muziekcollectie bij elkaar te houden, door middel van de aankoop door de gemeente Den Haag. De muziekcollectie kwam daarna in het bezit van het Gemeentemuseum Den Haag.

Zie ook[bewerken]